‘Als je er iets van zegt discrimineer je’
Woensdag 24 juni 2009 door Arnon Grunberg
Schrijver Arnon Grunberg verblijft in de Utrechtse vinexwijk Leidsche Rijn. Deel 8 in een serie.
‘Soms heb ik het gevoel dat ik op die Hofmeester lijk uit jouw roman Tirza”, zegt Jan, vader van drie kinderen. „Ik heb helemaal geen ambities.”Ik vraag me af of ik me zorgen moet maken.
Jans vrouw Froukje komt naar beneden. „Daantje vraagt of je nog even boven komt om voor te lezen”, zegt ze. Daantje is zes, de jongste. Ze zit in een donkerroze onderbroek op haar bed.
Ik moet voorlezen uit Saskia en Jeroen in de Lente van Jaap ter Haar.
Terwijl ik voorlees wrijft Daantje met beide handen over haar buik en borsten.
Ik voel me een beetje onbehaaglijk en ik ga op het uiterste randje van het bed zitten. Voor je het weet eindig je in een politiecel.
Zelf slaap ik in een roze bed in de kamer van de oudste dochter Mijke. De kamer hangt vol met posters van de serie Het Huis Anubis. Een serie waarvan ik nog nooit had gehoord maar Jan en Froukje vertellen: „Het Huis Anubis is heilig voor de kinderen, we moeten het eten eromheen plannen.”
Het is bijna tien uur en Jan zegt: „Als de kinderen naar bed zijn, komen de chips op tafel.”
En inderdaad, de chips komen op tafel. „We hebben met de buurt een voetbaltoernooi georganiseerd voor de wijk hiernaast waar veel Turken en Marokkanen wonen, de Koolwitjeshof, maar het enthousiasme is ons een beetje vergaan”, zegt Jan.
Ik neem wat chips.
„Ze verstoppen de wc’s met wc- rollen en als je er iets van zegt discrimineer je. Of ze slingeren een konijn net zolang rond tot het beest dood is.”
„Een konijn rondslingeren tot het beest dood is, is iets voor de psychiater”, verklaar ik met een mond vol chips.
„We hebben niet altijd overlast”, zegt Froukje.
Ze heeft kunstgeschiedenis gestudeerd maar ze werkt nu voor een instelling die de kwaliteit van de zorg moet verbeteren.
Het gezin leest de Volkskrant.
„De Koolwitjeshof is een andere wereld”, zegt Jan.
In de Koolwitjeshof zijn de konijnen van de kinderen niet veilig. Zoveel begrijp ik. En ik heb behoorlijk wat konijnen, cavia’s, hamsters en goudvissen in Leidsche Rijn gezien.
Als de chips op zijn, gaan we naar bed.
De volgende ochtend word ik afgeleverd bij mijn volgend gastgezin.
Amanda, een jonge moeder, doet open.
Ik ben eigenlijk net een escortboy. Alleen blijf ik langer dan een uur, ik kom een nachtje slapen.
Lees verder
- 24-06-2009 column: ‘Als je er iets van zegt discrimineer je’
- 23-06-2009 column: ‘Mijn liefste van K3 is weg’
- 22-06-2009 column: Let maar niet op de gaten in de bank
- 20-06-2009 column: Halal, maar wel een frikadel uit de muur
- 19-06-2009 column: De vakkenvuller heeft mooie, felle ogen
- 18-06-2009 column: Vader pikte in Nederland de kinderbijslag in
- 17-06-2009 column: ‘Mijn broer vond deze vrouw op internet’
- 16-06-2009 column: Op zoek naar de crisis in de vinex
- 06-07-2009 column: Onderduiken voor beginners
- 03-07-2009 column: De hovenier is blijven haken aan Diana
- 01-07-2009 column: Niet elk meisje is een chickie
- 30-06-2009 nieuws: 'Waar zijn onze rechten?'
- 27-06-2009 column: Moeders in uitdagende kleding
- 25-06-2009 column: Ik leef op het geluk van anderen
