Biograaf ondermijnt reputatie van sterjournalist Kapuscinski
De reputatie van de veelgeprezen Poolse journalist en schrijver Ryszard Kapuscinski (1932-2007) lijkt een flinke deuk op te lopen door een in Polen verschenen nieuwe biografie.
In de betreffende biografie van Artur Domoslawski wordt beweerd dat Kapuscinski het regelmatig niet al te nauw nam met de feiten.
Kapuscinski, die ooit werd uitgeroepen tot de grootste journalist van de 20ste eeuw, was eersterangsgetuige van oorlogen, staatsgrepen en bloedige revoluties die Afrika en Latijns-Amerika teisterden in de jaren zestig en zeventig. Kapuscinski was lange tijd de enige buitenlandcorrespondent van het Poolse persbureau PAP en had vijftig landen onder zijn hoede. Hij schreef legendarische boeken als De keizer, De voetbaloorlog, De Sjah aller Sjahs en Nog een dag. Nu beweert Domoslawski in zijn zeshonderd pagina's tellende biografie Kapuscinski Non-Fiction dat Kapuscinski regelmatig de dunne grens tussen non-fictie en fictie overschreed en de feiten aandikte, zo meldt The Guardian.
Volgens Domoslawski was Kapuscinski regelmatig onzorgvuldig met details en beweerde hij soms ooggetuige te zijn, terwijl dat niet het geval was. Ook verzon hij soms fraaie 'beelden' om zijn verhaal te doen kloppen of mooier te laten uitschijnen. Domoslawski: "Hij schreef bijvoorbeeld dat de vissen in het Victoriameer in Oeganda zo waren gegroeid doordat ze zich te goed deden aan de door dictator Idi Amin geofferde slachtoffers. Een kleurrijke en onthutsende metafoor, die niet bleek te kloppen. De vissen verdikten gewoonweg omdat ze kleinere vissen uit de Nijl aten." Volgens Domoslawski was Kapuscinski er zich niet altijd bewust van dat hij de dunne lijn tussen journalistiek en literatuur had overschreden. "Ik denk nog steeds dat zijn boeken prachtig en precieus zijn. Maar ze behoren wel tot het domein van de fictie."
Bij een andere gelegenheid bracht Kapuscinski verslag uit van een slachting in Mexico in 1968. "Hoewel hij op dat moment wel degelijk in Latijns-Amerika rondreisde, was hij geen ooggetuige, hoewel hij dat zelf wel stelde", zegt Domoslawski.
Ook beweringen dat Kapuscinski in Congo getuige was van de activiteiten van Patrice Lumumba, zouden verzonnen zijn. Toen Kapuscinski voor het eerst naar Afrika reisde, was Lumumba al overleden. Over zijn veronderstelde vriendschap met Che Guevara rijzen nu al evengoed sterke twijfel. De weduwe van Kapuscinski had eerder een rechtszaak aangespannen omdat ze niet wou dat de biografie van Artur Domoslawski verscheen. Ze ving echter bot.
De biograaf, die correspondent is van de Gazeta Wyborcza, het grootste Poolse dagblad, zegt dat het niet de bedoeling is om Kapuscinski met het boek te ontluisteren. "Hij was wel degelijk mijn mentor." Domoslawski zegt wel een debat te willen starten over waarheid en fictie, over de biograaf en zijn onderwerp en de manier waarop Polen achtervolgd wordt door zijn communistisch verleden. Domoslawski stelt dat zijn boek "eerlijk" is: "Het vreemde is dat ik met sympathie en empathie heb geschreven over Kapuscinski."
Maar volgens Domoslawski mythologiseerde Kapuscinski ook zijn gewone leven: "Hij creëerde een legende van zichzelf. Ik kan dat begrijpen. Als je van een klein land komt, van wie de cultuur en taal in het buitenland niet begrepen wordt, wil je je boodschap sterker maken."
De biografie bevat eveneens een rits onthullingen over zijn relaties met vrouwen en beweert dat Kapuscinski samenwerkte met de Russische geheime diensten, iets wat in 2007 ook al werd te berde gebracht.
Lees verder
- 22-02-2010 nieuws: Biografie Kapuscinski mag van weduwe niet verschijnen
- Kapuscinski, Ryszard
