Hoe zou Stieg Larsson de film hebben gevonden?

Linkse journalist schreef ’s nachts thrillers en grapte dat hij er rijk mee zou worden. Dat gebeurde – na zijn dood

De Zweedse schrijver Stieg Larsson was een idealist die niet met geld om kon gaan. Hij had het ook meestal niet, trouwens. Nu hij dood en beroemd is, vecht men om de erfenis.

Het zal je maar gebeuren. Je hebt het als idealistische journalist en linkse activist nooit breed gehad. Af en toe maak je grappen over de misdaadromans die je ’s nachts zit te schrijven: dat je daar miljonair mee gaat worden. En dan worden die boeken ineens écht een enorm succes – maar zelf maak je het niet meer mee.

Dat overkwam de Zweedse schrijver Stieg Larsson. Hij overleed in november 2004 na een hartaanval, nog voordat het eerste deel van zijn inmiddels wereldwijd succesvolle ‘Millennium-trilogie’ werd gepubliceerd. Hij was pas 50. En natuurlijk is er nu gedonder over de erfenis, maar daarover straks meer. Eerst willen we weten: wie was die man met dat jongensachtige gezicht, die ons vanaf de achterkant van zijn boeken door een grote bril wat vermoeid zit aan te kijken?

„Een heel vriendelijk persoon”, roept zijn vader Erland Larsson (73) door de telefoon, vanuit Umeå, in het noorden van Zweden. „Als kind schreef hij al sciencefictionverhaaltjes. Toen hij 13 of 14 was, gaven we hem een typemachine cadeau, weet je nog wat dat is? Die dingen maakten een enorm lawaai! En hij werkte ’s nachts.” „Ik deelde een kamer met hem”, vertelt Joakim (51), Stiegs drie jaar jongere broer – het gesprek staat op de luidspreker. „Ik deed geen oog dicht.”

Stieg Larsson schreef vóór zijn romans al enkele boeken over extreem- rechts. „Wij zeiden altijd: schrijf nou eens iets commercieels!” zegt zijn vader. „Nou, dat heeft hij eindelijk gedaan. Ik heb nog wel tegen hem gezegd dat er te veel seks in zat. Seks is commercieel, zei hij. Tja, ik dacht dat hij iets voor kinderen zou gaan schrijven.” Maar in de thrillers kon Stieg ook wat politiek kwijt. „Stieg was 14 toen ik voor het eerst met mijn mond vol tanden stond tijdens een politieke discussie met hem. Hij was linkser dan ik.” Joakim: „Mijn ouders waren socialistisch, hij werd communist.”

Trotskist om precies te zijn, zegt John Henri Holmberg (59), de Zweedse vertaler van onder meer Stephen King en Henry James en net als Larsson sciencefictionfan – ze waren sinds een sciencefictioncongres in Stockholm bevriend, in 1972. „En we waren allebei extreem politiek, allebei gemotiveerd door het idee van vrijheid. Ik was een liberalist, hij een trotskist – volgens hem zijn dat die communisten die, op de dag dat de revolutie uitbreekt en iedereen op straat aan het vechten is, nog steeds ergens in een kelder zitten te discussiëren.”

Larsson correspondeerde met vrienden over de hele werd, vertelt Holmberg. „En als iets hem erg aan het hart ging, dan ging hij erheen en probeerde te helpen. Hij heeft een vrouwenguerrillagroep in Mozambique uitgelegd hoe ze wapens moesten gebruiken.” In Zweden richtte hij een antifascistisch tijdschrift op, Expo.

„In het begin dacht ik dat hij een grote leugenaar was, met al zijn verhalen”, zegt televisieproducent en Expo-freelancer Mikael Ekman (28), die samen met Larsson een boek schreef over de Zweedse rechts-populistische partij Sverigedemokraterna. „Maar dan ontmoette ik mensen over wie hij het had gehad en dan bleek het allemaal toch te kloppen.” Ekman beschouwde Larsson als vriend en mentor. „Hij was een visionair. Hij zag al heel vroeg dat intolerantie het grootste probleem van Europa zou worden. Inmiddels zijn we zover.” Expo kwam al snel in financiële problemen, want met geld omgaan kon Larsson niet. „Ik moest hem soms meenemen naar de bank om hem te laten pinnen”, zegt uitgever en vriend Kurdo Baksi (43), die Expo financieel ondersteunde. Baksi speelt een bijrol in Larssons boeken. „Als dank, heel aardig.”

'Toen hij 13 of 14 was gaven we Stieg al een typemachine'

„Stieg was overal goed in, behalve voor zichzelf zorgen”, zegt Holmberg. „Hij stond om één uur ’s middags op, dan begon hij zwarte koffie te drinken en te roken, onderweg naar Expo at hij een hamburger, en om een uur of twee ’s nachts ging hij naar huis om romans te schrijven tot vijf uur in de ochtend. Hij had ook een beetje die grijzige aanblik van iemand die altijd binnenzit en veel bij McDonald’s eet.”

Toch kwam zijn dood totaal onverwacht. De boeken waren nog niet verschenen, maar Larsson had al wel een voorschot gekregen. Hij had Baksi om hulp gevraagd bij het oprichten van een eigen bedrijfje om het geld in te stoppen. „Als hij het nou wat eerder had geregeld, dan had hij wel iets voor zijn vriendin gedaan”, zegt Baksi. „Maar hij was natuurlijk weer te laat. Verder wil ik er niets over zeggen.”

Holmberg: „Eva en hij waren ruim dertig jaar samen, maar ze zijn nooit getrouwd. Al het geld ging naar zijn vader en zijn broer. Maar hij was niet dol op zijn vader en ik wist niet eens dat hij een broer had. Het grootste deel van zijn jeugd woonde hij bij zijn grootouders.”

Volgens Stiegs broer Joakim was dat heel normaal. „Op het platteland gebeurde het vaak dat jonge mensen in de stad een baan gingen zoeken terwijl hun kind bij de grootouders bleef.”

Waarom woonde Joakim dan wel bij zijn ouders? „Ik ben drie jaar jonger en toen woonden we al in de stad, in Umeå. Maar Stieg had een heel goed leven bij zijn grootouders en ze wilden graag dat hij bleef.”

Nu wil Eva niet meer met ons praten, zegt vader Larsson. Terwijl we bij elkaar gelogeerd hebben, zegt Joakim. „We begonnen haar ook geld te geven, maar toen kregen we een brief van haar advocaat dat ze dat niet wilde. De volgende dag klaagde ze in de krant dat ze geen geld van ons kreeg. Wat moeten we dan doen, een zak geld voor haar deur zetten en wegrennen?” Maar Holmberg vertelt een ander verhaal: „Nadat Stieg was overleden kreeg Eva een brief van de advocaat van de familie dat ze haar huis moest verlaten. Dat hebben ze pas weer ingetrokken toen ze doorkregen dat ze miljoenen hadden geërfd.”

Kortom, een klassieke ruzie om de erfenis, maar dan wel een heel grote erfenis. En met een ‘Millennium’-achtig kantje: volgens Holmberg kan Eva wél bij de computer waarop een voor driekwart voltooid vierde boek van Stieg staat, en de outlines voor nog zes boeken, maar de familie niet. „Volgens Eva’s advocaat is de computer eigendom van Expo en bevat hij materiaal dat niet naar buiten mag komen; dat zou mensen in gevaar kunnen brengen die Stieg informatie hebben gegeven. Ja, Stieg zou dit heel leuk hebben gevonden. Eva hoopt dit te kunnen gebruiken om enige controle te krijgen over wat er met de boeken wordt gedaan – ze wil geen geld.” En ze wil ook niet reageren, mailt ze. „Over een tijdje heb ik mijn eigen projecten om over te praten. En dat zal ik dan doen.” Volgens Holmberg heeft ze overwogen om een boek over haar relatie met Stieg te schrijven. „Maar nu vertel ik misschien te veel. Hij is in elk geval een goed onderwerp voor een biografie: hij heeft een vol leven geleid. Maar hij had wel wat beter kunnen eten.”

Stieg Larsson

Een wereldwijde bestseller die postuum verscheen
Van de drie thrillers van Stieg Larsson over journalist Mikael Blomkvist en hacker Lisbeth Salander (Mannen die vrouwen haten, De vrouw die met vuur speelde en Gerechtigheid) zijn sinds 2005 zo’n 10 miljoen exemplaren verkocht. Van de Nederlandse vertaling van de Millennium-trilogie zijn 250.000 exemplaren verkocht.
De boeken van Larsson zijn in 39 landen verschenen. De agent van de erven Larsson onderhandelt nog met een uitgever uit Albanië.
Larsson was vorig jaar de op één na populairste fictieschrijver ter wereld. Dat meldde het vakblad The Bookseller vorig maand op basis van een analyse van de bestsellerlijsten in negen landen: China, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Italië, Nederland, Spanje, Verenigde Staten en Zweden. Khaled Hosseini was met De vliegeraar en Duizend schitterende zonnen de populairste auteur.
Op de Vlaamse lijst van best verkochte boeken bekleedt Larsson momenteel de eerste drie plaatsen.
Voor zijn werk ontving Larsson postuum verschillende literaire onderscheidingen, onder meer de Prijs voor de beste misdaadroman van de Zweedse Detectiveacademie.
Voor wie de boeken nog niet heeft gelezen: NRC-recensent Stine Jensen schreef over de thrillers (zie hier):
‘Het succes kan ik inmiddels verklaren: dat is het volstrekt atypische speurneuzenduo Lisbeth Salander en Mikael Blomkvist, de hoofdpersonen van de trilogie. Lisbeth is een lelijke, seksueel misbruikte, dwarsliggende, biseksuele hacker van begin twintig met als hobby’s boksen, auto’s en computers. Ze draagt zwarte T-shirts met opschriften als ‘I can be a regular Bitch – if you want me to’ en ‘I am also an Alien’. Mikael is een vreselijk mooie man, een journalist die van koken houdt en er een getrouwde minnares op nahoudt, die zijn chef is bij het dagblad. Lisbeth is kortom nogal mannelijk uitgevallen, en Mikael heeft zijn vrouwelijke eigenschappen uitstekend ontwikkeld.
Ik ga verder geen plot uitleggen – het is te ingewikkeld. Laat ik volstaan met te zeggen dat het net lijkt alsof Mannen die vrouwen haten alle klassieke ingrediënten bevat van een goede thriller: een ijzersterke plot, spannende plattegrondjes, codes die gekraakt moeten worden, veel verdwenen meisjes, religieuze motieven en bijbelcitaten. Opmerkelijk daarbij is het blik wrede psychopaten met nazivoorvaderen en bizarre seksuele praktijken dat wordt opengetrokken.’

‘Mannen die vrouwen haten’ is nu ook een film
Vrijdag beleefde Män som hatar kvinnor (‘Mannen die vrouwen haten’) zijn Zweedse bioscooppremière: de film naar het eerste deel van Stieg Larssons Millenniumtrilogie. Daarin speuren journalist Mikael Blomkvist en hacker Lisbeth Salander naar een meisje dat veertig jaar geleden verdween.
De Deense regisseur Niels Arden Oplev heeft enkele televisiecrimi’s op zijn naam. Acteur Mikael Nyqvist (Mikael Blomkvist) speelde hoofdrollen in Tillsammans/Together (2000) en As It is in Heaven (2004).
Noomi Rapace (Lisbeth Salander) is niet zo’n bekende actrice, maar vooral zij wordt alom geprezen. ‘Het is niet overdreven om te zeggen dat Noomi Rapace Lisbeth Salander is geworden’, schreef Aftonbladet. Die krant meldde ook dat ze zich vanaf een half jaar voor de opnamen had voorbereid met een streng dieet en een vechtsportcursus van vier dagen per week.
De Zweedse kranten Aftonbladet, Dagens Nyheter, Svenska Dagbladet en Expressen gaven de film allemaal drie sterren (uit vijf). Dagens Nyheter vond hem wat te veel tv en te weinig film, en Expressen schreef dat Michael Nyqvist wat te vaak stil voor zich uit stond te staren, maar over het algemeen sprak men van een goed gemaakte thriller. Alleen jammer dat het personage Erika Berger vrijwel geschrapt was.
Kurdo Baksi, vriend van Stieg Larsson, was enthousiast: „Echt, het is voor de eerste keer in mijn leven, maar ik vond de film beter dan het boek. Ik heb tweeënhalf uur geconcentreerd zitten kijken. Meestal wil ik na een half uur al naar de wc. Gelukkig zaten er minder seksscènes in de film dan in het boek, dat maakt het serieuzer. En de hoofdrolspelers zijn half-Zweeds, half-immigrant; dat zou Stieg belangrijk hebben gevonden, in zijn strijd.” Nyqvist heeft een Italiaanse, Rapace een Spaanse vader.
Stieg Larssons vriendin Eva (die niets heeft geërfd) mailt nog dat Rapace heeft geweigerd Stiegs familie te ontmoeten, ‘omdat ze het walgelijk vindt wat geld doet met mensen’ – dat schreven sommige kranten. Stiegs broer en erfgenaam Joakim gelooft het niet. „Wij hebben Noomi Rapace ook niet opgezocht, maar schrijf vooral op dat we haar heel, heel erg goed vonden” .
De film gaat 13 augustus in Nederland in première. Op internet zijn trailers te vinden. De andere twee boeken worden ook verfilmd, maar voor de tv.

Bekijk een trailer van de film via deze link.

Lees hier het enige interview wat Stieg Larsson ooit heeft gegeven over het schrijven van thrillers (in het Engels).