IEDEREEN LEEST: Contrapunt van Anna Enquist

In een in NRC Next gepubliceerde serie over opmerkelijke boeken die pas zijn verschenen, deze week Anna Enquists Contrapunt.

De roep om „echt gebeurd” wordt luider, lezers gaan minder vaak akkoord met pure fictie en het kookboek met maaltijden voor anderhalve euro dat de Frogers gebruiken in het programma Effe geen cent te makken is een verkoophit. Om in een dergelijke, op emotie gerichte samenleving met een roman te komen over je overleden dochter die niet sentimenteel is, maar soms bijna een journalistieke opsomming van feiten, is knap. Contrapunt van Anna Enquist (De Arbeiderspers, € 18,95) heeft een literaire structuur – gelijk aan de Goldbergvariaties van Bach – en lijkt met afstand geschreven, maar hakt er tegelijkertijd keihard in.

De vrouwelijke hoofdpersoon heeft haar blik gericht op het verleden. Ze wil de ingewikkelde Goldbergvariaties onder controle krijgen omdat die variaties, die Bach schreef aan het eind van zijn leven om de plotselinge dood van zijn getalenteerde zoon te wreken, haar helpen om haar overleden dochter te herdenken. Met de variaties houdt ze haar dochter bij zich. Als ze piano speelt, komt het kind naast haar staan luisteren.
De vrouw is eenzaam. Ze heeft een man, ze heeft een zoon. Maar wat ze niet meer heeft is de dochter. Vanaf de eerste bladzijde is de lezer op weg naar het afschuwelijke ongeluk. De vrouw echter, was vanaf de geboorte al op weg naar het verlies van haar kind.

Het ongeluk – in werkelijkheid werd Enquists 27-jarige dochter in 2001 doodgereden door een afslaande vrachtwagen – komt in het boek aan het slot, als de Goldbergvariaties eindelijk volbracht zijn.

Het ongeluk is een puur rationeel geregistreerde situatie. Een reconstructie naar aanleiding van politierapporten, foto’s en voorwerpen, beschreven zonder enige emotionele lading. Maar metersdiep snijdend in elk moederhart. Nee, in elk lezershart.

„Het koude kind,” schrijft Enquist herhaaldelijk tussen de staccato opsomming van de opeenvolgende gebeurtenissen: het huis vol mensen, het koude kind, de politie, de begrafenisondernemer, het onvermogen om te eten, het koude kind. Nul sentiment, geen labiele emoties van de moeder wiens wereld is ingestort op een manier die te groot is om te verfraaien in literaire tierlantijnen.

Sentiment is dan ook dodelijk in zo’n geval. Het doet afbreuk aan de pure emoties van de lezer. Zijn angst en inleving versterken het verhaal en maken het persoonlijker dan het beschreven voorval. De angst iemand – en dan in het allerergste geval je kind – zo plotseling te verliezen is aangesproken. Het behoeft geen verdere uitleg, overbodig bijvoeglijk naamwoord of clichématige metafoor.

Enquists verhaal is verteld. Hetzelfde verhaal is zelfs al vaker verteld: in haar dichtbundel De tussentijd en de roman Het meesterstuk (alleen betrof het daar tragisch genoeg nog fictie). Maar zoals ze zelf onlangs al verklaarde, naar aanleiding van de geruchten dat met dit boek haar schrijverscarrière beëindigd is, het is niet klaar.

Zo’n herinnering is nooit klaar.