KB zoekt grenzen van auteursrecht
Volgens Savenije belemmert het huidige auteursrecht de vrije informatievoorziening. Gisteren maakte de KB bekend dat Savenije, nu nog directeur van de Universiteitsbibliotheek Utrecht, per 1 juni zal aantreden als directeur van de KB.
Het auteursrecht, een wet uit 1912, bepaalt dat de rechten op een tekst pas zeventig jaar na de dood van een auteur vervallen. Eerder liet de KB weten dit als een grote rem op de vrije informatievoorziening te zien. Savenije (61): „Voor de vrije verspreiding van informatie zou het goed zijn als het auteursrecht wordt aangepast. De KB kan een rol spelen in het aanjagen van de discussie hierover. Als nationale bibliotheek kun je natuurlijk nooit de wettelijke grenzen overschrijden. Wel kun je die opzoeken en proberen op te rekken.”
Onder de vorige directeur, Wim van Drimmelen, is de KB het afgelopen decennium uitgegroeid tot een instelling die nationaal en internationaal de toon zet op het gebied van massadigitalisering en digitale duurzaamheid. Eind 2007 kreeg de Koninklijke Bibliotheek een storm van protest over zich heen toen deze instelling bepleitte om boeken kapot te gaan snijden. Dat is in praktijk vaak de enige manier om grootschalige digitalisering betaalbaar te houden.
Savenije heeft geen bezwaar tegen deze aanpak. „Voor je een boek versnijdt moet je natuurlijk nagaan of er in je eigen instelling of elders voldoende exemplaren van aanwezig zijn. Unica of bijzondere boeken moeten vanzelfsprekend nooit kapotgemaakt worden om ze te digitaliseren. Als er voldoende exemplaren van een boek voorhanden zijn, dan is versnijden een nuttige manier om snel en goedkoop te digitaliseren. Uiteindelijk zou ik alle boeken die er zijn, digitaal beschikbaar willen maken. Tegelijkertijd heeft de KB als nationale bibliotheek een bewaarfunctie, maar die dingen kunnen naast elkaar bestaan.”
Savenije zal zich sterk gaan maken voor nationale samenwerking op het gebied van digitalisering. „Ik ben ervan overtuigd dat je virtuele collecties in samenhang moet aanbieden op internet. Dat vergroot hun zichtbaarheid. Nu is het te vaak nog een plukje hier en daar. Dat is niet handig of prettig voor de gebruikers.”
