Discussie: Is de Gouden Uil-winnaar van dit jaar een literaire aanfluiting?
Komt een negerin bij de dokter
Robert Vuijsje is ineens overal. Verhit debatteert men over het vermeende ‘seksisme’ en ‘racisme’ in Alleen maar nette mensen. Dat boek gaat over een Joodse jongen die eruitziet als een Marokkaan en op zoek is naar een intellectuele negerin (hersens, maar cup 95F, ‘dikke bil’) die zich maar niet laat vinden. Sommige vrouwen zijn boos omdat zij zich niet herkennen in de stigmatiserende beelden van ‘de zwarte vrouw’ die Vuijsje schetst (Anousha Nzume in de Volkskrant); anderen vinden juist dat ze een interessant kijkje krijgen in een bevolkingsgroep (negers) en een wijk van Amsterdam (de Bijlmer) die ze nog niet kenden (Hanneke Groenteman in het tv-programma Vrouw en Paard). Het feministische platform Women Inc. organiseerde zelfs een debat met Vuijsje over de stereotypering van de zwarte vrouw in zijn boek.
De beeldvormingskwestie vindt men zó belangrijk dat dagbladen en tijdschriften zelfs overgaan tot het afdrukken van opinieartikelen van mensen die schrijven dat ze het boek nog niet gelezen hebben, maar alvast kwijt willen hoe leuk ze het vinden dat een witte man valt op ‘negerinnenbillen’ (Manouska Zeegelaar in de Volkskrant) of hoe dom het is dat zwarte en witte vrouwen zich iets aantrekken van een boek dat toch duidelijk ‘roman’ op het omslag heeft staan. (Stephan Sanders in Vrij Nederland).
Vuijsje zelf raakt er een beetje van in de war. Dan weer verdedigt hij zich door te stellen dat het om ‘fictie’ gaat, en dat hij heus zelf niet zo dom is als zijn personage David, dan weer vindt hij dat hij laat zien hoe mensen ‘echt’ praten als er niemand bij is, en dat hij gewoonweg niet zo ‘politiek correct’ is. Hij zou zich - denk ik- beter kunnen verdedigen door te stellen dat zijn boek niet zozeer over zwarte vrouwen gaat als wel over een Joodse bruine man met een pathologische obsessie voor negerinnen. De volgende vraag zou dan natuurlijk zijn of het boek daarover werkelijk iets interessants te melden heeft. En dat staat of valt dan weer met de vraag of de hoofdpersoon dan wel de schrijver, zich reflexief verhoudt tot zijn obsessie.
Tot nu toe overschaduwt de beeldvormingskwestie de vraag naar de literaire kwaliteit van Alleen maar nette mensen. Literaire critici zijn opvallend stil in het debat. Ik zou graag zien dat een jurylid van de Gouden Uil een toelichting gaf bij de beslissing Vuijsjes boek uit te roepen tot het belangrijkste literaire werk van het jaar. Vuijsje ontving de Gouden Uil met een stilistisch argument betreffende zijn ritmische dialogen: „Vuijsjes dialogen swingen als een Afrikaanse tiet, het ritme zit strakker dan een negerinnenbil in een te kleine legging met luipaardmotief.” Ook werd hij genomineerd voor de prestigieuze Libris Literatuurprijs; het rapport sprak van een „onorthodoxe en gewaagde vertelling” en een „prachtige vorm en inhoud”. Critici als Pieter Steinz en Elsbeth Etty waren al eerder onder de indruk van de originaliteit omdat eigentijdse communicatie werd opgenomen, zoals msn- en sms-dialogen. Alsof Kluun nooit is gedebuteerd.
Laten we even zo’n briljante dialoog in heel eigentijdse msn-taal bekijken.
David zegt: Aloha
Naomi86 zegt: Hi
David zegt: Alles goed?
Naomi86 zegt: Ja hoor, en met
jou?
Deze chat- en sms-sessies en andere ‘inhoudsloze dialogen’ en ‘half afgemaakte gedachten’ zouden juist zo raak zijn omdat ze laten zien dat de ‘moderne tijd’ is doorgedrongen (juryrapport Libris Literatuurprijs). Zo lust ik er ook nog wel een. Natuurlijk, het boek is vlot geschreven. Maar zou je dit boek ooit een tweede keer willen lezen vanwege de stijl? Staat er ook maar één fraaie beeldspraak of ontroerende, voortreffelijke zin in?
Laten we eerlijk zijn. Alleen maar nette mensen laat zich in stilistisch opzicht het beste vergelijken met de vlotheid van Kluuns Komt een vrouw bij de dokter: man neukt lekker veel in de rondte, gaat flink vreemd, en zegt het allemaal ‘eerlijk’ hardop. Heerlijk controversieel en lekker interessant. Eigenlijk doet het me sterk denken aan Heleen van Royens Godin van de Jacht, de vrouwelijke pendant die, heel provocatief, als witte vrouw op zoek gaat naar een lekkere grote zwarte negerlul. Als Vuijsje een ‘treffende zedenschets van bepaalde milieus’ heeft geschreven, dan hebben Kluun en Van Royen dat natuurlijk ook en moeten zij ogenblikkelijk met terugwerkende kracht genomineerd worden voor de AKO, de Libris en de Gouden Uil.
De vraag die ertoe zou moeten doen, is wat mij betreft dus niet of Alleen maar nette mensen ‘fictie’ is of niet, maar of het ‘goede’ fictie is. Dat heeft te maken met stijl en met inhoud. Alleen maar nette mensen had een beregoed boek kunnen zijn. Wat het boek inhoudelijk interessant had kunnen maken, is het aspect van een Jood die eruitziet als een Marokkaan en daarom een buitenstaander is. Je zou zelfs ook kunnen stellen dat Vuijsje een stereotype ontkracht: Joodse mannen – zie David – kunnen heel dom zijn, en dik, en hoeven niet over te lopen van verbaal talent of zelfreflectie. Dat zou je verfrissend kunnen noemen. Misschien dat hij – David – daarom zelf ook denkt dat hij meer kans maakt met een negerin: in zijn eigen sociale klasse komt hij niet aan de bak. Vergelijk het met een dikke Amerikaanse postbode die in Thailand op zoek gaat naar een gedepriveerd meisje. Maar omdat David uit een intellectueel milieu komt, is hij op zoek naar een intellectuele negerin. Wat een intellectuele negerin nou precies zou moeten met een domme jodenjongen als David wordt niet echt duidelijk. Over die Joods-Marokkaanse identiteitscrisis gaat het helaas maar een paar bladzijden, en helaas pas echt overtuigend op het einde. De ‘ironie’ die het boek tot een satirische zedenschets zou moeten verheffen, is dan eigenlijk allang doodgeslagen door bladzijdenlang vermoeiende neukpartijen. Met negerinnen.
Vrijwel de enige, terechte kritische opmerking over de literaire waarde van Alleen maar nette mensen kwam van de critica en schrijfster Marja Pruis. Zij schreef in haar column in De Groene Amsterdammer: „Vuijsjes stijl doet nogal klompendanserig aan. Zijn boek is goed geschreven zoals boodschappenlijstjes goed zijn geschreven.” Alleen maar nette mensen is ongetwijfeld ‘geëngageerd’, onmiskenbaar een boek over ‘de multiculturele samenleving’ volgens het motto ‘integratie door penetratie’, maar is het een goede roman? Kom nou, daarvoor stelt het boek in literair opzicht echt te weinig voor. Het is misschien een ‘geinige’ belediging voor zwarte vrouwen en het intellectuele milieu in Oud-Zuid, maar bovenal is de bekroning met de Gouden Uil en de nominatie voor de Libris een belediging voor alle literatuurliefhebbers.
Elsbeth Etty recenseerde Alleen maar nette mensen toen het vorig jaar verscheen. Lees hier dat stuk.
En ze interviewde Vuijsje iets later ook.
Lees verder
- Vuijsje, Robert
Robert Vuijsje (1970), zoon van de (jazz)journalist Bert Vuijsje, oomzegger van de socioloog Herman ...

brits (bezoeker)
"Is de gouden uil winnaar een aanfluiting ?"
Iedere literaire prijs(uitreiking) is een aanfluiting...
haelterman (bezoeker)
alleen maar ....
werd er koud noch warm van. en dat vind ik nog het ergst van al. begrijp alle heisa niet. wat is er met dit boek? ik las alleen al dit jaar 25 betere romans. als dit dan één van de belangrijkste prijzen krijgt ? om nog maar over "godverdomse dagen ..." te zwijgen. Zonde.
Michiel (bezoeker)
25 romans die vorig jaar verschenen?
Heeft u het dan over romans die vorig jaar verschenen zijn? De Gouden Uil is een prijs voor het beste boek van 2008. Dat u 25 betere boeken gelezen hebt wil ik wel geloven, maar 25 betere boeken die in 2008 verschenen zijn lijkt me sterk.. Welke titels bedoelt u dan?
victor crebolder (bezoeker)
Alsof Kluun (uit te spreken als Clown) nooit gedebuteerd heeft
Mevrouw Jensen,
Het hele eiereneten van de moderne Nederlandse schrijverij is verwoord in MSN-dan wel Jip-en Janneketaal, waarvan onze Kluun (Clown) de grote vaandeldrager geweest moest zijn. Kluundert (Clowndert) schrijft als een typemachien wat met de grootste moeite tweelettergrepige woorden aankan. Wellicht dat Vuijsje's apparaat drielettergrepige weet te verhapstukken.
Ik betwijfel het. En trouwens, leest u uw mails wel eens: durft u mijn aanbod niet aan? Nee toch, zo'n dappere strijdbare tante als u...
Wouter Krijbolder (bezoeker)
Aanbod, welk aanbod dan!
Hoewel onze achternamen op elkaar lijken zijn wij geen familie of verre familie zelfs. Dan zou Giuseppe Garibaldi ook wel eens familie van ons kunnen wezen, nietwaar? Wij Krijbolders stammen af van de Krahenbuhls, Zwitserland. Dat lig weliswaar naast Italïe, maar daar is dan ook alles mee gezegd.
Beste Victor: welk aanbod heeft Stine Jensen tot nu toe naast zich neer gelegd?
Victor Crebolder (bezoeker)
Aanbod betrof GRATIS eerste druk van mijn roman Donkerland
Een onderwerp wat breed bezien de algehele verloeding van de samenleving beschrijft maar daarenboven inzoomd op een fenomeen wat er niet om liegt, te weten de handel en wandel van kinderporno, zou zo'n dappere tante als Stine Jensen toch over de streep moeten trekken. Dacht ik... Naïef... Hoopvol... Enthousiast geworden door eerdere stukken van haar hand...
Bij gebrek aan een respons: hierbij bied ik de NRC (laten we zeggen de hoofdredacteur mevrouw Donker...) een exemplaar van de tweede druk Donkerland aan (juist ook omdat de eerste druk erg snel de diepte indook).
Hoogachtend, Victor Crebolder
Victor Crebolder (bezoeker)
Geëgageerd, het nieuwe stopwoord
Alleen maar nette mensen is ongetwijfeld ‘geëngageerd’, onmiskenbaar een boek over ‘de multiculturele samenleving’ volgens het motto ‘integratie door penetratie’, maar is het een goede roman?, zo knip ik even uit bovenstaand stuk.
Ja hoor, daar gaan we weer, na de kleine hausse aan boerenromans waarin allerlei geëngageerds werd gelezen is Vuijsje's boek óók geëngageerd. Dat is het niet, simpelweg omdat er nergens vóór gekozen wordt noch ergens tegen iets geaggeerd wordt. Het is een roman over een geile (so what, Joodse) knaap, met (so what) een Noord-Afrikaans uiterlijk die op bruine mokkels valt. dat doen miljoenen en miljoenen knapen, groen, paars en wit van huidskleur. En omdat soort nu eenmaal soort zoekt en samenhokt in wijken alsof ze door door aardstralen (en het toewijzingsbeleid van woningbouwverenigingen) tot elkaar aangetrokken worden ontstaat de tegenpool Bijlmer versus Oud-Zuid. Zoiets heeft meer te maken met wat we kennen als de spanningsboog, in klare makelaarstaal heet dat het belang van locatie, locatie en locatie.
Geëngageerd zijn de boeken van literaire grootheden als Multatuli, Zola, Malaparte, Wallraff, Joris, Pamuk en de met de literaire nek aangekeken Renate Dorrestein. De hele verdere rest is (voor het gemak even wegdenken, snapt u wel) dat niet, amper, hoogstens oppervlakkig: een klein beletterd verkoopargument voor op de boekenflap sinds Thomas Vaessens met zijn boek "De revanche van de roman" op de proppen kwam...waarin hij stijl maar liefst eventjes afserveerde, ha ha ha. Recensenten zijn evenwel dol op dat woord, maar dat zal wel door de chique Franse klank komen...
een literatuurliefhebber (bezoeker)
beledigd?
'en is een belediging voor literatuurliefhebbers'
...want? Die komen nu minder intellectueel & artistiek verantwoord over?
(teiltje?)
Anoniem (bezoeker)
Alleen maar nette mensen
De recensie van Stine Jensen en het interview van Elsbeth Etty met Robert Vuijsje zetten de lezer aan tot nadenken, iets wat toch op z'n minst ook de verdienste is van Alleen maar nette mensen. Het verhaal leest vlot, herkenbaar als het gaat om tal van discrminatoire uitspraken die je dagelijks waar dan ook hoort: het boek van de grote en gemakkelijke vooroordelen. Onbegrijpelijk dat zwarte vrouwen zo te hoop lopen, want er zijn nog wel meer maatschappelijke groeperingen in het boek aan te wijzen, die zich aangesproken kunnen voelen. Een karikatuur, een uitvergroting, en hier en daar erg geestig. Maar is dit nu literatuur? In die zin met plezier de recensie van Stine Jensen gelezen. Interessante thema's, de meeste, maar waarom niet uitgewerkt met wat meer diepgang? De wat puberale verwarring van een Joodse jongen die op een Marokkaan lijkt en vaak alszodanig (= negatief) bejegend wordt of zich zo voelt: wie ben ik, wat kan ik, wat wil ik en waarom eigenlijk? En in wat voor sociale omgeving?
Vuijsje levert in staccato een beeld van die zoektocht, maar inderdaad weinig reflectief. Het doet er dan niet zoveel toe of de schrijver samenvalt met de door hem beschreven hoofdpersoon - de verwarring van de zwarte vrouwen die Vuijsje persoonlijk aanvallen - zolang de zoektocht literair beschreven wordt: origineel, mooi taalgebruik, diepgang, ontroering; ik wil er door geraakt worden en niet alleen vermaakt. Inderdaad onbegrijpelijk, die prijs en nominatie.
Michiel (bezoeker)
Seksistische blik bij Mw Jensen?
Beste Gerard,
er lijkt inderdaad iets vreemds aan de hand te zijn met de maatstaven van Mw Jensen. Ze schijnen per boek ( of per auteur?) te verspringen. Over de seksscenes in 'echte mannen eten geen kaas' schrijft Mw Jensen bijv:
'..door de wellust van het proza vergat ik hoe erg het allemaal was.'
en:
'In plaats van bezorgdheid voelde ik opwinding – straks komt er nog een derde Antilliaan bij die zijn hand in haar… en… ja hoor… ja! daar is hij al!'
soortgelijke seksscenes in 'alleen maar nette mensen' zijn echter 'bladzijdenlang vermoeiende neukpartijen'.
Niet alleen is dat laatste feitelijk onwaar, er zitten hooguit zes echte seksscenes in 'Mensen', waaronder een scene waarbij de felbegeerde negerin ondertussen de telefoon opneemt, een ontzettend treurige gangbang, een zo mogelijk nog treuriger scene in een kelderbox met een buggy in de hoek en een poging die tot mislukken gedoemd is met het joodse vriendinnetje, ook is de ene seksscene de andere blijkbaar niet.
Komt dit misschien omdat het ene boek door een vrouw en het andere door een man is geschreven? Is dat de reden dat de scenes bij Mosterd opwindend zijn, maar bij Vuijsje 'het verhaal doodslaan'? En is dat dan niet gewoon een vorm van seksisme bij deze recensente? De ene auteur mag blijbaar wel maatschappelijke thema's aansnijden mbv sekscenes, dit is zelfs opwindend, de andere mag dat niet, dat is dan vermoeiend en typisch 'man neukt in het rond.'
Dat dat laatste zeker niet het geval is, heb ik met de bovenstaande voorbeelden hopelijk wel aangegeven. Het neuken staat nergens voorop, het dient tot het onwikkelen van bepaalde thema's, relaties, neerzetten van een sfeer etc. Maar blijkbaar is dit iets dat alleen aan vrouwen is voorbehouden, wanneer mannen het doen is het oppervlakkig en vermoeidend...
Vreemde wisseling van maatstaven, neigend naar een ronduit seksistische blik!
Gerard van de Ven (bezoeker)
Seksisme geen criterium
Beste Michiel,
Het lijkt mij contra-productief om in de discussie over de sociale en literaire relevantie van Alleen maar nette mensen en andere omstreden romans te gaan werken met begrippen die meer betrekking zouden hebben op de persoon van de discussianten dan op de boeken en de schrijvers. Stine Jensen hanteert bij haar oordeel over Vuijsje's verhaal líteraire criteria en er bestaat bij mij onduidelijkheid over de wijze waarop zij die definiëert en toepast. Dáárover heb ik opheldering gevraagd. 'Seksisme' is een begrip waarmee ik in dat kader (nog) niet uit de voeten kan.
Anoniem (bezoeker)
re: seksisme geen criterium
Beste Gerard,
ik begrijpt dat je de discussie beperkt wil houden tot de literaire criteria, maar als we vast kunnen stellen dat die literaire criteria selectief worden toegepast, vind ik het wel interessant om te onderzoeken wat daar de reden van zou kunnen zijn..
We kunnen volgens mij twee dingen vaststellen:
1: Als de 'literaire sellerchics' maatschappelijk vraagstukken aan de orde stellen is dit interessant en relevant, als Vuijse dit doet is het blijkbaar opeens geen criterium meer.
2: Als de 'literaire sellerchics' seksscenes in hun boek verwerken is dit spannend en zet het aan tot verder lezen, als Vuijsje dit doet is het 'typisch man neukt in het rond'.
Vanwaar deze dubbele standaard??
Anoniem (bezoeker)
Gouden Uilprijs voor Vuijsje
Ik ben het hardgrondig eens met Marja Pruis , en wil er nog aan toevoegen dat de "literaire" jury met haar argumentatie voor de toekenning van de prijs aan Vuijsjes roman Alleen maar nette mensen, zichzelf eveneens meteen diskwalificeert.
Gerard van de Ven (bezoeker)
Nog even dit:
ik heb zojuist Alleen meer nette mensen voor de tweede keer gelezen, en weer met bewondering gezien hoe goed de 'stijl' past bij de 'inhoud'. De sms- en msn-dialogen zijn to the point: we moeten er even aan wennen, maar deze manier van communiceren wordt een essentiëel onderdeel van de taal, ook van de literaire. De kracht van Vuijsje is dat hij laat zien dat ook met deze 'magere taal' gedachten en gevoelens adequaat kunnen worden overgebracht.
Luc Peeters (bezoeker)
Geen goed boek
"Alleen maar nette mensen" is karig geschreven. De zinnen zijn bijna in telegramstijl opgesteld. Op die manier is het veel makkelijker schrijven
dan wanneer je volzinnen maakt. Mooi is het helaas niet. Dubieuze
prijswinnaar, maar wel een aardige vent.
Gerard van de Ven (bezoeker)
Vuijsje en de 'sellerchicks'
Zou Stine Jensen eens kunnen uitleggen hoe haar aanval op Robert Vuijsje te rijmen valt met haar verdediging van het (maatschappelijk) belang van Saskia Noort, Herman Koch en Maria Mosterd in NRC-Handelsblad van 28 maart j.l. ('Sellerchicks leggen ontwrichting van de samenleving bloot')? Uit dat stuk maakte ik op dat 'maatschappelijke relevantie' wel degelijk een critrtium voor 'literaire' waarde kan zijn. Waarom nu dan die exclusieve nadruk op 'stijl'? Noort, Koch en Mosterd worden nu niet meer genoemd; waar staan zij in Jensens optiek t.o.v. Kluun, van Rooyen en Vuijsje? Als je met de meetlat werkt, moet je daarin consequent zijn, dacht ik.
mescaline (bezoeker)
Stine Jensens Discussie: Is de Gouden Uil-winnaar etc.
Een vreemd, raar en geborneerd stukje.
De reacties van Michiel en Onno Kosters zetten het gelukkig weer recht.
Onno Kosters (bezoeker)
Stine Jensen over Robert Vuijsje
Beste Mw Jensen,
Ik sluit me helemaal aan bij Michiel. Het boek is een uitvergroting van de cliché's waarin door grote delen van de bevolking over 'de ander' wordt gesproken. De Joods-Marokkaanse identiteitscrisis, de stereotyperingen, staan in dienst van dat conflict; staan in dienst van een verhaal over "East is East, and West is West, and never the twain shall meet" (en net als bij Kipling, ontmoeten ironisch genoeg East en West elkaar weldegelijk - even - en tevergeefs - of niet? - "They have looked each other between the eyes, and there they found no fault [...]").
David delft telkens het onderspit, bij zijn gymnasium-vriendinnetje net zo goed als bij zijn Bijlmer-vriendinnetje, net zo goed als bij zijn in Amerika eindelijk aangetroffen 'intellectuele negerin'. Zijn arrogantie en cynisme slaan als bij Frits van Egters terug op hemzelf; hij blijft alleen achter en begint maar weer opnieuw met zijn wanhopige zoektocht, die veel verder gaat dan een zoektocht naar zichzelf: daarvoor steekt het boek te slim in elkaar. Als Vuijsje werkelijk David "zichzelf" had willen laten zoeken, hadden we een zoveelste psychologische draak te lezen gekregen, een genre waar de Nederlandse literatuur al zo lang onder gebukt gaat.
De lichtheid van de toon van het boek, die u een stilistische onvolkomenheid acht, laat juist belangrijke thema's quasi-achteloos voorbij komen: we begrijpen niets van elkaar, doen op allerlei manieren ons best, vaak met een verborgen agenda waarin hoogmoed en gewin prominent zijn, met elkaar samen te leven, maar de vervreemding houdt nooit op. Dat in het geval van Alleen maar nette mensen een handvol seksscènes de boel komen opvrolijken - hoewel er veelzeggend genoeg nooit erg veel vreugde van die scènes uitgaat - lijkt me niet meer dan vanzelfsprekend, aangezien seks voor begin-twintigers, hoe zal ik het zeggen, niet onbelangrijk is.
U constateert dat het boek op z'n hoogst een "‘geinige’ belediging voor zwarte vrouwen en het intellectuele milieu in Oud-Zuid" is: geen moment is die 'gein' echter niet functioneel. Dit is een boek dat door stijl en inhoud precies de juiste balans tussen ironie, karakterschets, uitvergroting en sociaal-relevante observatie vindt.
Met vriendelijke groet,
Onno Kosters
Michiel (bezoeker)
Literatuurwetenschap
Beste Mw Jensen, als u het kwalitatieve verschil niet opmerkt tussen boeken als 'Komt een vrouw bij de dokter', 'De godin van de jacht' en 'Alleen maar nette mensen', vraag ik me af wat er precies onderwezen wordt bij een studie 'Literatuurwetenschappen'.
De eerste twee boeken staan vol cliche's, houterige beeldspraak en stroef verlopende scene's, zijn gespeend van gevoel voor humor, spellen alles veel te veel uit waardoor het vertelde onmiddelijk doodslaat en slagen er hierdoor nauwelijks in de verbeelding te prikkelen.
Vuijsje schrijft beeldender, geestiger, heeft aan enkele zinnen genoeg om krachtig een scene neer te zetten, het boek sprankelt van energie en vertelplezier. Het bevat inderdaad seks, maar wat betreft uitgeschreven seksscenes valt het reuze mee, ik denk dat het in totaal niet meer dan tien pagina's bevat waarin er daadwerkelijk de liefde wordt bedreven.
'bladzijdenlang vermoeiende neukpartijen' heb ik niet kunnen ontdekken, een pagina hier, een pagina daar, dat was het wel. Als je op zoek bent naar uitgeschreven seks, kun je beter een goude ouwe van Wolkers uit de kast trekken.
Ook is het een beetje flauw om enkel een MSN-gesprekje te citeren en hiermee de stijl meteen maar af te serveren. MSN-gesprekken zitten inderdaad in het boek, maar ze vormen een geintegreerd geheel met de rest, geven het verhaal een nog wat realistischer gevoel, en vormen hier en daar slechts een onderbreking van het met veel gevoel en beeldend geschreven verhaal.
Ik vond 'Alleen maar nette mensen' een grappig en ontroerend boek, zag er de zoektocht naar een identiteit in, die voerde langs twee zeer verschillende en geestig neergezette milieus, met scherpe observaties over onze muliticulturele samenleving.
Het steekt literair gezien zeker wel uit boven de voorbeelden die u geeft, misschien is het niet de soort literatuur die volstaat met 'fraaie beeldspraak of ontroerende, voortreffelijke zinnen', maar ook boeken die niet volstaan met beeldspraak en 'voortreffelijke zinnen' kunnen beeldend en geestig geschreven zijn, iets wat moeilijk gezegd kan worden van Kluun en van Royen.
Nieuwe reactie inzenden