Bungelen aan de doellat
Keepers zijn favoriet bij voetbalschrijvers
Op het Crossing Border Festival, dat gisteravond begon in Amsterdam, wordt onder meer de grens tussen voetbal en literatuur verkend. Wat heeft de bal de fictie te bieden? Ook op het festival én op deze pagina: Péter Esterházy, Hallgrímur Helgason en Christian Kracht.
Dimitri Verhulst: De verveling van de keeper. Contact, 126 blz. €14,90Marjolein Houweling: Het droomteam. L.J. Veen, 176 blz. €13,50Vanavond vindt op Crossing Border vanaf 20 uur een `Hard gras'-avond over literatuur en voetbal plaats, met o.a. Herman Koch, Anna Enquist en Ronald Giphart. Dimitri Verhulst leest treedt zaterdag om 22.15 uur voor. Beide in de Stadsschouwburg.Crossing Border vindt tot en met zaterdag plaats op diverse locaties in Amsterdam. Informatie: 070-3642355 of www.crossingborder.nl
De hoofdpersoon uit Peter Handke's novelle De angst van de doelman voor de strafschop, houdt in de slotscène een uitgebreid betoog dat erop neerkomt dat een strafschop eigenlijk nauwelijks te stoppen is. Deze ex-keeper doet dat op de tribune bij een wedstrijd waarin prompt een strafschop kinderlijk eenvoudig wordt gestopt. Voetbal is overigens slechts een bijzaak in die roman. Het voornaamste dat voetbal de fictie volgens Handke te bieden heeft, is de strafschop, oftewel, een moment van grote spanning met een kraakheldere afloop.
Sinds voetbaltijdschrift Hard gras acht jaar geleden een van de best verkopende literaire bladen van Nederland werd, lijken sport en literatuur elkaar definitief in de armen te zijn gevallen: Hard gras heeft inmiddels Zwart IJs (schaatsen) en De Muur (wielrennen) als zusterbladen, en het glossy voetbalmaandblad Johan als concurrent. Maar wie die tijdschriften leest, komt vooral non-fictie tegen: in het enkele maanden geleden verschenen De mooiste voetbalverhalen uit Johan (Vassallucci, 200 blz. €13,50) staan mooie repotages over de legendarische Russische keepers Rinat Dassaev en Lev Yashin of de Argentijnse aanvaller Gabriel Batistuta, maar alleen het verhaal `Terug naar Lansdowne Road' van Auke Kok is fictie. Die dicht in de buurt van de werkelijkheid blijft, want het gaat over de wedstrijd Ierland-Nederland van 1 september 2001, waarbij Koks verbeelding ervoor zorgt dat een Nederlands elftal met `routiniers' als Bakhuys en Van Basten de Ieren met 0-26 verslaat. Soms gaat fictie nu eenmaal geruisloos over in onzin.
Onlangs verschenen echter twee romans waarin voetbal wel degelijk een centrale rol vervult: Het droomteam van Marjolein Houweling en De verveling van de keeper van Dimitri Verhulst. Bovendien verschijnt eind deze maand een heruitgave van Chris Keulemans' bundel Verhalen uit de bovenhoek. Keepers zijn de logische favorieten van voetbalschrijvers, want hun speciale bevoegdheden maken hen per definitie buitenbeentjes. Dat geldt in extreme mate voor Zarcko Vandegeneugten, de held van de tweede roman van Dimitri Verhulst. In een lijstje `beste keepers aller tijden' op de eerste pagina van het boek staat hij eerste, vóór grootheden als de Roemeen Ducadam en de Belg Jean-Marie Pfaff. Centraal in het boek staan de prestaties van Vandegeneugten op het Wereldkampioenschap 2034 dat door thuisland Vlaanderen (in het Filip de Winterstadion) met overmacht wordt gewonnen. De tragiek van Vandegeneugten is dat de rest van het Vlaamse team zó goed is, dat de bal nimmer bij hem in de buurt komt. Uiteindelijk probeert hij zijn heldenrol te forceren – en hier speelt een strafschop uiteraard een cruciale rol – maar dat mislukt.
De verveling van de keeper begint als een heldenepos, de moeilijke jeugd van de held in een achtergebleven Vlaams dorp. Een dorp waarvan de treurnis door Verhulst prachtig wordt getekend in de beschrijving van een arme familie die zich wil laten portretteren. Uit budgettaire overwegingen gaat André Vandoorselaers met vrouw en kinderen naar de Tir Photo schiettent op de kermis. `Wie een kogel in de roos schoot, werd eventjes verblind door een weerlicht van jewelste en ontving drie minuutjes later een foto waarop hij of zij als scherpschutter vereeuwigd stond. En daar ging André de gezinsfoto laten maken. Daar en nergens anders, dat had hij zich gezworen, en wekenlang vuurde hij thuis ter oefening de vogels naar beneden.' De uitvoering van het plan gaat moeizaam. Hoewel het hele gezin gekamd en gewassen staat te wachten, schiet vader mis. Iedere keer opnieuw, vijf kermisjaren achter elkaar. Kort nadat het uiteindelijk toch raak is, valt André met een sigaret aan in bed in slaap – de foto komt op het familiegraf.
Dan pas blijkt wat deze familiegeschiedenis te zoeken heeft in het levensverhaal van Zarcko Vandegeneugten. Op de achtergrond van de kermisfoto staat namelijk `zijn rattige snoet bespikkeld door de poedersuiker die de wind van zijn oliebol blies'. En als hij zich verveelt, gaat Zarcko op de begraafplaats naar zijn eigen foto kijken. Inderdaad, hij is een eenzame held. Voor die eenzaamheid heeft hij al vóór zijn geboorte gekozen: waar de familie bij de bevalling een tweeling verwachtte, bleek Zarcko in de baarmoeder zijn broertje te hebben verorberd. Ambitie heeft hij wel: urenlang hangt Zarcko aan de doellat te bungelen om langere armen te krijgen.
Verhulst veroorlooft zich nogal wat zijpaden, zoals het plotselinge optreden van een reservekeeper, een liefdesgeschiedenis en de onafhankelijkheid van Vlaanderen aan de hand van het Vlaams Blok. Die zijn op zichzelf vaak geslaagd, maar geven De verveling van de keeper iets rommeligs: het boek lijkt tegelijkertijd bedoeld te zijn als sportroman, als licht ironisch Vlaams realisme, als politieke roman en als heldenepos. Dat wil zeggen, als anti-heldenepos: want niet alleen blijft het karakter van Zarcko Vandegeneugten tamelijk obscuur, wie aan het einde van het boek terugredeneert, realiseert zich dat de held in het hele boek geen enkele bal heeft gestopt. Hij dankt zijn heldenstatus alleen maar aan het feit dat zijn heldendom steeds maar weer wordt onderstreept – door de nationalistische regering én door de verteller in het boek. Hij is een keeper zonder eigenschappen. Zijn belangrijkste kwaliteit is dat hij op het juiste moment erbij stond op de foto, niet alleen bij familie Vandoorselaers op de kermis, maar ook in de Vlaamse geschiedenis.
Waar Dimitri Verhulst het voetbal gebruikt om te variëren op het heldenverhaal, daar schrijft Marjolein Houweling (1958) over voetbal omdat ze een jongensboek wil schrijven. De hoofdpersoon van Het droomteam Alex Bish is geen keeper, maar linksbuiten – de andere positie in een voetbalelftal waar traditioneel de buitenbeentjes belanden. Verder werkt Bish bij de helpdesk van een computerbedrijf waar dus alle tijd is voor het ontwerpen van een voetbalsimulatiespel op de computer en voor het in gedachten eindeloos repeteren van de schijnbewegingen van grote helden. Het leven van Alex krijgt een nieuwe wending wanneer zich een zeer talentvolle spits in het voetbalelftal meldt, die het team naar de bekerfinale leidt. Voeg daarbij het bordeelbezoek na de wedstrijd, enkele intriges op het werk en in de liefde, alsmede een voor de liefhebber aangename overdaad aan kleine wijsheden over beroemde voetballers (`Maradona is een slachtoffer, Batistuta is een dader') en Het droomteam lijkt een weinig opmerkelijk jongensboek.
Als Alex een man was geweest.
Dat is ze niet, en ook de nieuwe spits Megan is geen man. De enige man die een serieuze rol in het boek heeft is Alex' baas. En hij heeft geen verstand van voetbal, wat Alex de gelegenheid geeft hem grandioos om de tuin te leiden. Zo zijn de vrouwen de echte kerels, waarbij één element uit Het droomteam niet overplaatsbaar is naar een jongenswereld: het vermogen van Megan om als een onvervalste Don Juan het grootste deel van het dameselftal in bed te krijgen. Want in het herenvoetbal komt veel voor, maar geen openlijke homoseksualiteit.
Zo dient het voetbal in deze twee boeken vooral als een vehikel om literaire genres een andere draai te geven, bij Houweling het jongensboek en bij Verhulst het heldenverhaal. Meer dan om de betekenis van het voetbal gaat het steeds om de associaties die de sport oproept. Het is dan ook geen toeval dat de afloop van alle penalty's in alle voetbalromans gelijk is: ze worden gemist.
Lees verder
Besproken boek
- De verveling van de keeper
auteur: Verhulst, D.
Recensies op papier
Deze website publiceert elke vrijdag een selectie uit het katern Boeken, dat die dag bij NRC Handelsblad verschijnt. Wilt u alle recensies, interviews, columns en reportages ontvangen, neem dan een zesdaags abonnement of een weekendabonnement op NRC Handelsblad.
Besproken boek
- De verveling van de keeper
auteur: Verhulst, D.

