De enige pauw heeft geen staart
Het paleis van de hertog van het Noord-Italiaanse Mantua is een wonder van schilderkunst. De hertog zelf, Lodovico Gonzaga, gaf aan de schilder Andrea Mantegna (1431-1506) de opdracht de vertrekken van het omvangrijke paleis, dat 450 kamers herbergt, te beschilderen. Een van de beroemdste wandschilderingen is Gonzaga en zijn gezin te midden van hovelingen, waaruit blijkt hoe hij het illusionisme beheerste. Ook zijn plafondschilderingen zijn een toonbeeld van dieptewerking.
Inger Christensen: De geschilderde kamer. Een vertelling uit Mantua. Uit het Deens vertaald door Annelies van Hees. Meulenhoff, 95 blz. €17,50Inger Christensen: Alfabet. Gedichten. Vert. Annelies van Hees. Meulenhoff, 69 blz. €16,50Tijdens het 34ste Poetry International Festival treedt Inger Christensen op 20 juni om 20u op in de Rotterdamse Schouwburg. Res. 010–4118110. Inl. www.poetry.nl
In de novelle De geschilderde kamer roept de Deense schrijfster Inger Christensen de wereld op van het vijftiende-eeuwse Palazzo Ducale. In de vorm van drie gefingeerde dagboeken krijgt de lezer een bijna tragisch beeld van het hof, de intriges, de eenzaamheid van de personages. Het eerste journaal wordt geschreven door een der hovelingen, secretaris Marsilio Andreasi; het middelste hoofdstuk is eerder een kort verhaal in dagboekvorm, getiteld `Het geheim van de pauw' en tot slot komt de zoon van schilder Mantegna aan het woord, de tienjarige Bernardino.
Inger Christensen (1935) geldt als kandidaat voor de Nobelprijs voor literatuur. Sinds de jaren zestig publiceerde zij romans, gedichten en toneelwerk. Aan haar proza is duidelijk af te lezen dat zij allereerst een dichteres is. De geschilderde kamer ontbeert de technieken die voor de roman- of verhaalvorm noodzakelijk zijn. De personages zijn niet meteen herkenbaar, er is geen dwingende verhaallijn en ook de onderlinge verhouding tussen de personages is op het eerste gezicht lastig. Pas na bestudering komt de lezer een paar stappen verder, en dan kan het ook niet anders of je raakt verrukt.
In het mooi uitgegeven boekje staan drie afbeeldingen: een fragment uit het schilderij van de familie Gonzaga, een plafondschildering met een pauw erop en een portret van Mantegna met zijn zoon. Deze illustraties verduidelijken de drie verhalen. Op de eerste illustratie buigt hertog Gonzaga zich weg van zijn vrouw omdat een hoveling hem iets in het oor fluistert. Wat is het onderwerp? Het dagboekfragment is gedateerd op 14 maart 1454 en begint met de aanvankelijk raadselachtige zinnen: `Nu, op dit uur, begint de systematische vernietiging van mijn beminde Nicolosia. Nu wordt zij op de pijnbank van het huwelijk gelegd, uitgerekt en gebogen, totdat ze een passend aantal zonen heeft geworpen. Ik begrijp het niet.' Deze hoveling is in het geheim verliefd op Nicolosia. Hij haat zijn hertog en vooral koestert hij een diepe verachting voor de door de hertog uitverkoren Mantegna. Die jaagt volgens hem alleen op goedkope effecten. De secretaris, krimpend van de pijn omdat zijn geliefde vrouw hem voor altijd is ontroofd, kan Mantegna's schilderkunstige motto maar niet begrijpen: `Er mag geen eenzaamheid te vinden zijn in het verhaal van de schilder.'
Mantegna beeldt graag pauwen op zijn schilderingen af. In het hoofdstuk `Het geheim van de pauw' onthult de schrijfster een intrigerend detail. Aanvankelijk wilde Mantegna de ogen van opengevouwen pauwenstaarten gebruiken als omlijsting van zijn schilderingen. Maar daarvan is het nooit gekomen. Slechts één pauw vertoont zich in zijn werk, en nog wel een zonder staart, want die is verborgen achter een balustrade. Op deze manier, met dit oog voor detail en de mysteries van muurschilderingen, bouwt Christensen haar vertelling op.
In `Mijn vakantie' is Bernardino aan het woord, Mantegna's zoontje. Zijn moeder is dood, verhuisd naar `de hemeltuin'. Kunstig verweeft Christensen het verhaal van Orpheus die met zangspel zijn geliefde Eurydice terug wilde halen uit de onderwereld met de schilder Mantegna: het zoontje gelooft dat zijn vader door de kracht van de penseelvoering zijn moeder weer terug kan halen.
Het is verbluffend hoeveel Christensen met beperkte middelen weet te suggereren. In elke alinea gebeurt wel iets, en plots kan er twee alinea's verder iemand gedood zijn. In de prachtige vertaling van Annelies van Hees raken proza en poëzie elkaar. Je moet het proza ontsluiten als een gedicht. De bundel Alfabet is duidelijk geïnspireerd door de schilderkunst. Christensen maakt tal van interessate verwijzingen naar De geschilderde kamer (in Denemarken verschenen de twee boeken in 1981 en 1976), zodat er een mooi voorbeeld van intertekstualiteit ontstaat. Neem dit gedicht, dit kan niet anders dan gaan over het dromerige jongetje Bernardino: `[E]r staan een paar zwijgende ouders/ wat kinderen rennen rond met een hond/ een aankomst die je probeert te schilderen/ als water opgeheven naar je mond/ [...] misschien vergeten een zomer / toen de wereld wit was als een feest,/ en voor ik begreep dat een dromer/ moet dromen zoals bomen dromen/ over vruchten ten slotte'.
Lees verder
Recensies op papier
Deze website publiceert elke vrijdag een selectie uit het katern Boeken, dat die dag bij NRC Handelsblad verschijnt. Wilt u alle recensies, interviews, columns en reportages ontvangen, neem dan een zesdaags abonnement of een weekendabonnement op NRC Handelsblad.
