Kapitein Henry Hudson had zijn eigen Nine-Eleven

Pascal Theunissen:
Van Jan Kees tot Yankees in New York.
Op zoek naar Nederlandse roots in de Big Apple.
Conserve, 200 blz. €17,50

Henry Hudson, de Engelse kapitein in dienst van de Verenigde Oost-Indische Compagnie, voer op 11 september 1609 de haven van New York binnen. New York bestond nog niet en Hudson had zo goed als zeker niet in de gaten dat Manhattan een eiland was. Hij was tegen alle orders in onder druk van een muitende bemanning met het schip de Halve Maen ver naar het westen gevaren. Hoe hij daar zelf over dacht, is niet bekend, want zijn logboek is verloren gegaan. Die 11de september en die ontdekking vormden het beginpunt van een interessant hoofdstuk uit de vaderlandse geschiedenis. Het was ook een begin van Nieuw Amsterdam en daarna New York.

Aan beide zijden van de oceaan zijn in het herdenkingsjaar 2009 boeken en bijeenkomsten gewijd aan Hudsons zeereis van 1609. De boeken gaan over Hudsons ontdekking en de kolonie Nieuw Nederland, over vierhonderd jaar historie en de banden tussen de Verenigde Staten en Nederland in verleden en heden. Het herdenkingsjaar is ook een aanleiding om nog eens te vertellen wat er aan Nederlandse sporen is in New York.

Amsterdam Nieuw Amsterdam 1609-2009 is een verzameling essays van wisselende kwaliteit over vier eeuwen geschiedenis met als slot een persoonlijk getint verhaal van een Amerikaanse die in New York en Amsterdam heeft gewoond. De fraai geïllustreerde artikelen vertellen over de reis van Hudson (Robert Putman), de groei van de kolonie (Ben Speet) en Nederlandse architectuur in Nieuw Nederland (Jeroen van den Hurk), maar ook over bijvoorbeeld de stadsuitbreiding in beide steden. Hoogbouw in New York is echter van een andere orde dan die in Amsterdam; de combinatie van die twee is aardig als contrast, maar ook niet meer dan dat. Hetzelfde geldt voor het verhaal over de burgerlijke elites in de steden. Hoe interessant die elites ook zijn, ze hadden niet veel met elkaar te maken. Jammer ook van de slordigheidjes hier en daar. Zo lezen we dat in 1909 werd gevierd dat de reis van Hudson tweehonderd jaar geleden plaatsvond.

Pascal Theunissen schreef een enthousiast verhaal over Nederlandse resten in New York, Van Jankees tot Yankees in New York, en heeft veel voetenwerk gedaan. Stuyvesant is echter geboren in 1592 en niet in 1611. De 15th en 16th Avenue bestaan niet op Manhattan en Inwood Hill Park ligt niet in Harlem, maar in de wijk Inwood. In genoemd park trof de auteur tijdens zijn omzwervingen een plaquette aan waarop staat dat hier een van de beroemdste onroerendgoedtransacties uit de geschiedenis plaatshad, namelijk Peter Minuits aankoop van Manhattan van de indianen voor zestig gulden aan goederen. Theunissen maakt er korte metten mee: uit een oud artikel in de New York Times blijkt dat de instantie die de tekst daar plaatste, zelf geen idee meer heeft waarom dat is gebeurd.

Four Centuries of Dutch American Relations 1609-2009 beschrijft de band tussen de twee landen over een periode van vier eeuwen in korte artikelen. Veel van de auteurs zijn academici, zodat de meest recente wetenschappelijke inzichten zijn verwerkt. Hoewel de bundel in het Engels is, heeft die toch vooral een Nederlands perspectief. Over de Amerikaanse geschiedenis zeggen de samenstellers, die tevens mede-auteurs zijn, dat het moment daar is ‘om het Nederlandse element in dit verhaal op te eisen’. Het maakt het boek tot een soort pamflet voor het belang van Nederland. De vierhonderd jaar Nederlands-Amerikaanse relaties worden afgeschilderd als een continuüm en Four Centuries vormt naar eigen zeggen ‘een uniek overzicht van de dominante thema’s’.

De ongeveer negentig artikelen zijn goed geschreven en getuigen van kennis van zaken. Ze behandelen een enorm scala aan onderwerpen, maar het boek is topzwaar. Voor welke lezers is dit bedoeld? Het is voor de samenstellers misschien vloeken in de kerk, maar wellicht hadden sommige artikelen – die over de NAVO bijvoorbeeld – kunnen worden samengevoegd. De periode tot 1914 krijgt ruwweg eenderde van de bundel toebedeeld, de resterende eeuw krijgt maar liefst 600 bladzijden. Zoveel materiaal in een overzichtswerk behandelen is lastig, dus veel onderwerpen krijgen noodzakelijkerwijs een oppervlakkige behandeling.

De literatuurverwijzingen zouden dit goed moeten maken, want dan kan het boek als een grote verwijzer worden beschouwd. Maar als soms zelfs de auteurs die meewerken in het register ontbreken (Simon Middleton), komt daar niet veel van terecht. En waarom General Electric en AkzoNobel dan wel belangrijk genoeg zijn voor het register, maar Lockheed of Coca-Cola niet, is onduidelijk. Four Centuries is een waardig monument voor vierhonderd jaar Nederlands-Amerikaanse relaties, maar als pamflet, boek of naslagwerk voldoet het niet.

Recensies op papier

Boekenbijlage NRC HandelsbladDeze website publiceert elke vrijdag een selectie uit het katern Boeken, dat die dag bij NRC Handelsblad verschijnt. Wilt u alle recensies, interviews, columns en reportages ontvangen, neem dan een zesdaags abonnement of een weekendabonnement op NRC Handelsblad.