Multatuli en Monty Python zullen ervan gesmuld hebben
Het is een algemeen aanvaarde wijsheid dat de romans van Charles Dickens zich het best laten lezen in de laatste weken van december. Dat geldt allereerst voor de platgeparodieerde Christmas Carol of de andere kerstvertellingen uit de periode 1843-1848; maar evengoed voor ‘weduwen- en wezenromans’ als Oliver Twist en Great Expectations, met hun typisch kerstige contrasten tussen goede mensen en een boze buitenwereld. Toch zou het zonde zijn om Dickens te verbannen naar het beperkte reservaat van het eindejaarslezen. Bijna al zijn romans verdienen het om ook in de rest van het jaar genoten te worden.
Neem Hard Times, nu stofvrij opnieuw vertaald door het in 19de- eeuwse literatuur gespecialiseerde duo Maters-Dabekaussen. Het verhaal van een rechtlijnige vader en zijn twee verkeerd opgevoede kinderen speelt zich af in een fictieve stad in het beroete industriële noorden van Engeland, en geldt als een van Dickens’ ‘dark period novels’. Een happy end zit er niet in, al behoort de retorische slotpassage (waarin de alwetende verteller zich uitspreekt over de toekomst van zijn romanhelden) tot de mooiste uit Dickens’ oeuvre.
Maar dat betekent niet dat er niet gelachen kan worden, vooral om de eigenaardigheden van sommige personages. De rancuneuze huishoudster Mrs Sparsit bijvoorbeeld, die zich met een verleden in de lower upper class huizenhoog verheven voelt boven de politici en industriëlen die ze moet dienen, en die met haar zogenaamde bescheidenheid het bloed onder de nagels van de lezer vandaan haalt.
De spil van het boek is de schoolmeester-politicus Thomas Gradgrind, ‘een man van feiten en berekeningen’ die de oorlog heeft verklaard aan alles wat zweemt naar verbeeldingskracht. Zijn meedogenloze systeem voor de fabricage van modelkinderen doet denken aan dat van Bint uit de ‘roman van een zender’ van F. Bordewijk, maar Gradgrind past het ook toe op zijn eigen kroost. Met funeste gevolgen op de lange termijn. Zijn brave dochter wordt diep ongelukkig in een huwelijk met de onuitstaanbaar zelfingenomen selfmade man Bounderby; zijn zoon leeft erop los en vervalt van kwaad tot erger – en met zijn allen maken ze het mijnwerkers- en weversstadje Coketown nog onleefbaarder dan het al is.
Zware tijden is wel gelezen als Dickens’ aanklacht tegen de industrialisering en de onderdrukking van de arbeider. Ten onrechte, want klassenstrijd interesseert de auteur duidelijk minder dan intermenselijk drama. Zoals plot hem in deze roman ook minder interesseert dan stijl. Lees de eerste twee hoofdstukken, de paukeslag waarmee Dickens zijn feuilleton in 1854 begon, en kijk of je kunt stoppen met lezen. Lees de opschepperijen van Bounderby, die over zijn ongelukkige jeugd vertelt (‘Overdag lag ik in een greppel en ’s nachts in een varkensstal’), en je weet waar Monty Python de mosterd haalde voor de beroemde ‘You were lucky’-sketch. En over invloed gesproken: Hard Times verscheen zes jaar vóór Max Havelaar. Mij zou het niet verbazen als Multatuli zich voor de figuur van Droogstoppel heeft laten inspireren door de materialistische Gradgrind, een man die in zijn vrije tijd werkt aan het bewijs voor de stelling ‘dat de Barmhartige Samaritaan een Slechte Econoom was’.
Lees verder
- Dickens, Charles
Dickens’ beroemdste roman David Copperfield, over een wees die na veel ellende opgroeit tot ...
Besproken boek
Recensies op papier
Deze website publiceert elke vrijdag een selectie uit het katern Boeken, dat die dag bij NRC Handelsblad verschijnt. Wilt u alle recensies, interviews, columns en reportages ontvangen, neem dan een zesdaags abonnement of een weekendabonnement op NRC Handelsblad.
