Wondertjes van uitlegkunst; Maarten van Buuren over literaire technieken
Maarten van Buuren: Verschuivingen, verdichtingen. Essays. Uitg. Querido, 151 blz. Prijs ƒ 34,90.
Literaire en niet-literaire teksten, fictie en non-fictie, zelfs proza en poëzie hebben veel meer met elkaar gemeen dan op het eerste gezicht lijkt, omdat in al deze genres vaak dezelfde stijlfiguren worden gehanteerd. De romanist Maarten van Buuren is gefascineerd door de functie van metaforen. Behalve zijn proefschrift De la metaphore au mythe over Emile Zola, heeft hij de afgelopen jaren in literaire tijdschriften en weekbladen essays gepubliceerd over het gebruik van metaforen en aanverwante stijlmiddelen in allerlei soorten teksten.
Een aantal van deze beschouwingen is samengebracht in de bundel Verdichtingen, verschuivingen. In dit boek ligt de nadruk op het begrip verschuiving of "metonymie', de stijlfiguur waarbij het geheel de plaats van het deel inneemt of omgekeerd.
Evenals verdichting is verschuiving een typisch literair proces, maar dat neemt niet weg dat er ook in niet-literaire teksten - en dan heeft Van Buuren het niet alleen over reclame, maar ook over bijvoorbeeld wetenschappelijke beschouwingen en journalistiek - veelvuldig gebruik van wordt gemaakt. In zijn korte essay "Stomme getuigen. Realisme in de literatuur van de negentiende eeuw' toont de auteur aan dat het tasje van Anna Karenina, dat Tolstoj model laat staan voor de zelfmoord van zijn protagoniste, in wezen niet verschilt van de met olie besmeurde vogel waarmee journalisten in 1991 de Golfoorlog aanschouwelijk maakten. Tolstoj beschreef niet Anna zelf, maar haar tasje; de journalisten - die wegens de censuur geen compleet beeld konden geven van de oorlog - toonden die ene vogel, die slechts een minuscuul detail vormde. Deze foto is volgens Van Buuren het resultaat van een extreme verschuiving die van het centrum van de belangstelling wegvoert naar een met betekenissen beladen detail in de marge. Die ene vogel "betekent' nu een ramp die verder buiten beeld blijft, en hij is bij machte gevoelens van verontwaardiging en andere emoties te mobiliseren. Met andere woorden: het effect dat Tolstojs gebruik van de metonymie op de lezers heeft, doet zich niet alleen gelden in de literaire stromingen aan het eind van de negentiende eeuw, maar overal waar realisme of realistische pretenties in het geding zijn.
Het negentiende-eeuwse realisme is een genre, een stelsel van regels en conventies dat de indruk wekt een directe weergave te zijn van de werkelijkheid, maar het is een onjuiste veronderstelling dat deze weergave neutraal is. De realistische roman, of deze nu Effie Briest heet of Anna Karenina, is geen encyclopedie die informatie transponeert, maar een tekst die effect beoogt. Hetzelfde geldt voor de met olie besmeurde vogel. De foto van dat zielige dier stuurt de verontwaardiging in een bepaalde richting, hij incrimineert en stigmatiseert de tegenstander die we ervan verdenken dat hij de oliekranen openlijk heeft opengezet. Maar wel wordt die foto, die een ideologisch effect beoogt, op tv-journaals en op de voorpagina's van kranten getoond als "nieuws', dat wil zeggen als neutrale weergave van de feiten.
Als Van Buuren dergelijke verbanden laat zien, doet hij dat zonder er morele oordelen aan te verbinden. Hij spreekt zich niet uit over de vraag of een journalistieke weergave van feiten objectief moet (of kan) zijn, hij maakt slechts duidelijk welke effecten met bepaalde literaire middelen worden bereikt. In het wetenschappelijke werk The Origin of Species van Darwin speelt volgens Van Buuren de literaire stijlfiguur van de metonymie een doorslaggevende rol in de overtuigingskracht die het boek sinds zijn verschijnen heeft uitgeoefend. In zijn essay "Hoe Darwin zijn gelijk haalde' polemiseert hij met de Utrechtse onderzoekster Ilse Bulhof die van mening is dat de metonymie bij Darwin nauwelijks voorkomt. Van Buuren maakt echter aannemelijk dat The Origin of the Species "metonymisch is tot in het merg'.
Het is aardig om te ontdekken hoezeer de literatuur van invloed is geweest op de wetenschap en deze in een aantal gevallen - de auteur analyseert behalve Darwins werk ook Freuds Traumdeutung - zelfs vooruit heeft geholpen. Toch is Van Buuren op zijn best als hij zijn lust tot het interpreteren van teksten botviert op literatuur (het boek bevat onder andere een lezenswaardige essay over Prousts Op zoek naar de verloren tijd) en in het bijzonder op poëzie. Behalve een opstel over de poëzie van Hans Favery, staan er in Verschuivingen, verdichtingen drie lange beschouwingen over gedichten van Achterberg die, om een term van Van Buuren zelf over te nemen, vaak "wondertjes van uitlegkunst' zijn.
Op een punt stelt de bundel teleur, het taalgebruik. Een heldere en nuttige uiteenzetting over fin de siècle-literatuur is opgeschreven in de vorm van een lezing, zonder er rekening mee te houden dat een geschreven tekst aan andere eisen hoort te voldoen dan spreektaal. Dat euvel geldt zelfs voor Van Buurens mooiste tekstinterpretaties die qua stijl teveel op collegedictaten of scripties lijken. Terwijl hij Darwins hoge frequentie aan ik-wendingen ("ik deel mee', "ik meen' enz. ) kritiseert, bezondigt hij zichzelf hier ook vaak aan (blz. 20: "als ik het goed zie', "ik zal uitleggen wat ik bedoel', "ik kan misschien het best met een voorbeeldje illustreren'). Ook woorden als "het gebeuren', "middels', "daaromtrent' ontsieren de stijl. Deze tekortkomingen zijn opmerkelijk in een bundel die aantoont dat alle teksten, zeker ook essays, baat hebben bij gebruik van literaire technieken.
Lees verder
Recensies op papier
Deze website publiceert elke vrijdag een selectie uit het katern Boeken, dat die dag bij NRC Handelsblad verschijnt. Wilt u alle recensies, interviews, columns en reportages ontvangen, neem dan een zesdaags abonnement of een weekendabonnement op NRC Handelsblad.
