Zie de schrijvers werken
Abdelkader Benali
Abdelkader Benali verruilde de Rotterdamse volksbuurten uit zijn jeugd voor het chique Amsterdam-Zuid. Met dank aan de Librisprijs, waarvan hij het prijzengeld gebruikte om zijn huidige appartement te kopen. "Ik mijn portie misère wel gehad."
Ricus van de Coevering
Van de Coevering zou één van de voormannen zijn van een nieuwe generatie plattelandsschrijvers die zich afwendt van de stad en de focus verlegt naar een landelijke omgeving. Zelf vindt hij het opvallend dat vooral critici dat is opgevallen.
Midas Dekkers
Midas Dekkers woont en werkt in het oude gemeentehuis van Weesperkarspel, gebouwd in 1867. Hij schreef het Boekenweekessay over dieren in de letteren. „Om jezelf beter te leren kennen, moet je de dieren bestuderen.”
A.F.Th. van der Heijden
De werkkamer van A.F.Th. van der Heijden ademt ontegenzeggelijk de sfeer van een kantoor. De inrichting is functioneel en niets meer dan dat. “Het gaat erom dat ik hier kan werken. Ik zit hier niet om gezellig op kussens van velours te gaan dichten.”
Arthur Japin
Na de historische romans van Arthur Japin is er nu Zoals dat gaat met wonderen, een selectie uit zijn dagboeken van 2000 tot 2007. Tijdens het redigeren trof hij iemand aan die zowel goed bekeken wil worden als volledig genegeerd.
Atte Jongstra
Een detail: In zijn kamer vol geleerde boeken ligt naast een traktaat van Augustinus een exemplaar van roddelblad Privé. Voor de “Homo Ludens” Atte Jongstra is het geen vreemde combinatie. "Al het uitzonderlijke is interessant."
Herman Koch
"Dat er humor in mijn boeken zit, dat is zo goed als onvermijdelijk." Herman Koch over de creative werking van een autorit, een kalender van Mussolini en de toegevoegde waarde van vader Van der Sloot voor zijn laatste roman Het diner.
Jan van Mersbergen
Jan van Mersbergen werkt op dit moment aan zijn vijfde roman, die nu eens niet gedragen zal worden door de zwijgzame, wat stugge jongens uit zijn voorgaande boeken. Daarna? “Ik wil nog eens een boek schrijven over iemand die een steen optilt.”
Harry Mulisch
In “het heilige der heilige”, zoals Harry Mulisch zijn werkvertrek grappend noemt, is bijna geen voorwerp te vinden dat niet iets met zijn oeuvre te maken heeft. “Het is een tussenstation tussen mijn werkelijkheid en de werkelijkheid hierbuiten.”
Hans Münstermann
Hans Münstermann over zijn woonkamer annex werkplek, waarin "de hele wereld is". Tot het middaguur is dit de plek waar hij werkt, daarna is het voorbij met de spontane opwellingen uit de diepte en is hij te zeer aangepast aan de wereld om hem heen.
Charlotte Mutsaers
Charlotte Mutsaers over haar buitenhuizen, de liefde voor haar Ferrari-laptop en de vanzelfsprekende combinatie van schrijven en make-up. Schrijven geeft haar rust. “Mijn angsten krijgen gewoon de kans niet om hun kop op te steken.”
Gustaaf Peek
Gustaaf Peek is óók fotograaf, maar hangt in die hoedanigheid “een beetje de kunstenaar uit”. Nee, hij heeft een “writer’s life”, waarin hij het als zijn plicht ziet verhalen te vertellen. Verhalen die zich buiten de autobiografie afspelen, dat wel.
Marja Pruis
Geef schrijfster en journaliste Marja Pruis maar gewoon haar werkkamertje in haar huis in Utrecht. Ze kan er eindeloos broeden op een enkele zin, omringd door de “tokens van haar bestaan”. Een gesprek over de atoomgeheimen van haar schrijverschap.
Allard Schröder
Allard Schröder over zijn levenslange verslaving aan Stendhal, over schrappen en de domheid van jonge schrijvers, en over Amoy, de Chinese stad waar zijn laatste roman De Econome is geschreven. "Hierna krijgenjullie een tijd niets meer van mij."
A.L. Snijders
Momenteel is ‘het melkkamertje’ de werkkamer van A.L. Snijders, maar het is goed mogelijk dat hij binnenkort zijn zkv’s weer in een heel ander vertrek van zijn boerderij schrijft. “Mijn vrouw en ik zijn als mollen door dit huis getrokken.”
Vrouwkje Tuinman
Vrouwkje Tuinman schreef een roman over haar buren in een afbraakpand in Utrecht. “Het is boeiend om te zien wat zich hier allemaal afspeelt. De ruzies, of gewoon een groep bejaarden in een bus voor het stoplicht, ik vind het allemaal even mooi.”
Bernard Wesseling
C. Buddingh'-prijswinnaar 2007 Bernard Wesseling over zijn "veredelde studentenkamer", zijn nieuwe projecten en het hoge testosterongehalte van zijn schrijfmascotte. "Ik ben als mijn laptop: het werkt, maar het werkt net."
L.H. Wiener
De afmetingen van L.H. Wieners piepkleine werkkamer helpen hem zich te concentreren. De schrijver heeft met zijn laatste roman Eindelijk volstrekt alleen een trilogie afgerond. "Wat is er mooier dan te zeggen: zo, hier is het, het is klaar, ik ga zeilen."
Menno Wigman
Dichter Menno Wigman overwoog vorig jaar om meubelhandelaar te worden. “Iets anders kon ik toch niet”. Hij was inmiddels in de ban geraakt van meubels uit het interbellum, een passie die heeft geresulteerd in een geheel in art deco stijl ingerichte woning.

